Antoinette stond voor een lastig dilemma. Sinds ze was gaan werken, was het haar droom om directeur te worden van een gerenommeerde ideële organisatie – iets als Greenpeace, Novib of Amnesty International. De afgelopen tien jaar had ze succesvolle stappen in die richting gezet. Ze was directeur van een kleinere organisatie geweest en op dit moment zat ze in het mt van een zorginstelling en gaf ze (in)direct leiding aan zo’n honderdtwintig mensen. Wat was het probleem? Het probleem was eigenlijk een kans. Antoinette was gevraagd voor een onderzoeksproject bij een mensenrechtenorganisatie. Inhoudelijk sloot het aan bij waar ze warm voor liep, financieel zou ze er niet of nauwelijks op achteruitgaan, maar het team bestond uit slechts veertien medewerkers. Het voelde als een stap terug. Wat te doen?

Een verlangen is geen verwachting
In het Omdenkverhaal van vandaag staan we stil bij twee woorden die bij een oppervlakkige beschouwing identiek lijken te zijn, maar op een aantal punten essentieel van elkaar verschillen. Het zijn de woorden ‘verwachting’ en ‘verlangen’. In het dagelijks taalgebruik gebruiken we ze regelmatig door elkaar.
‘Ik verlang naar de tijd dat mijn kinderen, zonder het voortdurend te hoeven vragen, eindelijk eens hun rommel opruimen.’
‘Ik verwacht wel dat ik op mijn veertigste verjaardag verrast word. Spontaan. Door heel veel mensen.’
‘Na jarenlang in mijn eentje geleefd te hebben, kan ik ontzettend verlangen naar een man op de bank en dan urenlang netflixen.’
Wat bedoelen we eigenlijk met dit soort zinnen? Laten we de laatste zin eens nader bestuderen. ‘Een man op de bank en dan samen netflixen’, is dat een verlangen? Of is het woord ‘verwachting’ hier beter op zijn plaats? Wij denken het laatste. Waarom? Omdat het in dit geval een verwachting is dat ‘een man op de bank’ een achterliggend verlangen bevredigt. Denk maar even mee. Wat is er fijn aan een man op de bank? Het naakte feit dat die man daar zit? Nee. Dat is het niet. Het is je verwachting, je hoop, dat dankzij zijn aanwezigheid je achterliggende verlangens (je geliefd voelen, je beschermd en veilig voelen) mogelijkerwijs gewaarborgd worden. Het woord ‘mogelijkerwijs’ is cruciaal. Een man op de bank is niet genoeg. Het is een middel. Niet het doel. Een man op de bank is pas bevredigend als daarmee je achterliggende verlangens vervuld worden. Wat heb je aan een man op de bank als je je niet geliefd en gezien voel? Misschien valt-ie wel in slaap. Zo’n man is een onnodige kostenpost. Kun je beter een cavia nemen. Of een dwergkonijn. Het is je verwachting dat een man op de bank (een uiterlijk beeld) je achterliggende verlangens (een innerlijke ervaring) kan bevredigen.
Uiterlijk vs. innerlijk
Dit gezegd hebbende, hebben we het cruciale onderscheid tussen een verwachting en een verlangen gedefinieerd: een verwachting is een meestal scherpomlijnd beeld van wat je zou willen zien in de uiterlijke wereld; een verlangen daarentegen is de beschrijving van je gewenste innerlijke staat van zijn.
Het lastige is alleen dat het veel makkelijker is om te praten in termen van verwachtingen dan in termen van verlangens. We communiceren niet waar we naar verlangen. Dat is kwetsbaar, vaag, het verwijst naar een gevoel; naar waar we behoefte aan hebben. We communiceren liever onze verwachtingen. Wat we zouden willen dat er gebeurt. Dat is concreet en minder kwetsbaar. Het gaat in dat geval niet over ons of onze verlangens, maar over de ander: dingen die je van anderen mag ‘verwachten’. Precies dat is de reden waarom onze verwachtingen vaak zo verstikkend werken. Door onze verlangens in de vorm van verwachtingen te formuleren is er slechts die ene manier waarmee we onze verlangens kunnen vervullen. Kinderen moeten spontaan hun rommel opruimen, op de veertigste verjaardag moeten er heel veel mensen komen en op de bank zit een man met je te bingewatchen. De tragiek is: hoe scherper we onze verwachtingen definiëren, des te groter de kans dat we teleurgesteld zullen zijn. Niet alleen in het hier en nu (omdat onze verwachting nu nog niet gerealiseerd is), maar mogelijk ook in de toekomst (omdat die dan nog steeds niet gerealiseerd is).
Soms moet je je verwachtingen opgeven om je verlangens te vervullen.
Hoe bevrijdend zou het zijn – voor anderen én voor onszelf – als we niet onze verwachtingen zouden benoemen, maar onze achterliggende verlangens?
Verwachting: Mijn kinderen ruimen spontaan hun rommel op.
Verlangen: Ik zou willen dat mijn kinderen rekening houden met mij.
Verwachting: Op mijn veertigste verjaardag komen veel mensen spontaan langs.
Verlangen: Ik wil me geliefd voelen door veel vrienden.
Verwachting: Ik wil een partner op de bank, samen netflixen.
Verlangen: Ik wil liefhebben en me geliefd voelen.
Communicatie
Dit alles klinkt tot nu toe vrij logisch, er is echter een complicerende factor. In de praktijk is praten in termen van verlangens vaak uiterst vaag. Je kunt wel tegen je partner zeggen dat je je ‘geliefd’ wilt voelen, maar je partner zal waarschijnlijk ogenblikkelijk vragen wat je dan verwacht. ‘Wat had je je daarbij voorgesteld?’ Als je alleen praat in termen van verlangen en je bijbehorende verwachtingen niet uitspreekt, kan dat leiden tot het nodige relatieleed.
Je verlangt naar erkenning en waardering. Jouw partner verwacht dat een mooie bos rozen van de Intratuin dit verlangen bevredigt. Je bent vervolgens teleurgesteld en je partner vraagt zich af wat er fout gegaan is. Dat jij een romantisch diner bij kaarslicht verwachtte heb je niet uitgesproken, want dan was het niet spontaan meer.
Je verlangt naar rust. Jouw partner verwacht dat een gezamenlijke vakantie regelen dit verlangen bevredigt. Je bent vervolgens teleurgesteld en en je partner vraagt zich af wat er fout gegaan is. Dat jij verwachtte dat je apart van elkaar een week met vakantie zou gaan had je niet gezegd, want je wilde jouw partner niet kwetsen.
Om het verlangen van je partner te kunnen vervullen zul je dus moeten weten hoe je dit verlangen kunt vertalen in een tastbare verwachting. Om elkaar te begrijpen moet je dus zowel het verlangen als de verwachting van de ander kennen. Wanneer een van de twee factoren niet duidelijk wordt gecommuniceerd, blijft er ruimte voor persoonlijke interpretatie, dus is er een grote kans op onbegrip.

Meer weten?
Volgende week zondag lees je hier deel 2 van ons omdenkverhaal over verlangens. Dan ontdek je ook hoe Antoinette een keuze kon maken door haar verwachtingen op te geven om haar verlangens te vervullen.
Ben je nieuwsgierig geworden, kun je niet wachten en wil je meer weten over verlangens? Lees dan vooral ons boek Zoals verwacht loopt alles anders. Ook de Omdenkmatrix komt uitgebreid aan bod en geeft je een handig hulpmiddel om anders te kijken naar die hardnekkige problemen waar je maar niet vanaf komt.
Ben je niet zo van het lezen? Knap dat je toch tot hier gekomen bent! Misschien is onze gelijknamige theatershow dan meer iets voor jou. We spelen deze swingende, inspirerende én hilarische voorstelling nog maar een paar keer.
Heb jij ook een omdenkverhaal?
Iedere zondag lees je op deze website een Omdenkverhaal. Kom je zelf zo’n verhaal tegen? Bijvoorbeeld in de krant, op je werk, thuis of online. Of heb je zelf iets omgedacht dat perfect past tussen alle Omdenkverhalen op deze website? Laat het ons dan vooral weten, want we zijn altijd op zoek naar fraaie voorbeelden. Mail jouw verhaal of tip naar contact@omdenken.nl. Dank je wel!
Deel dit verhaal: