
Waarom we bij onze podcasts geen trigger warnings meer plaatsen
Stel, je hebt een splinter in je bovenarm. Hij steekt een centimeter of wat uit. Elke keer als je ergens tegenaan stoot, doet het pijn. Wat is je neiging? Heel voorzichtig manoeuvreren. En iedereen waarschuwen. “Pas op! Niet aankomen.” Tegen iemand die naast je in de trein zit: “Zou je alsjeblieft afstand willen bewaren?!” Tegen de aannemer: “Kun je de deurposten extra breed maken?”
Dit kun je allemaal doen. En als iedereen voortdurend rekening met je houdt, lijkt het verstandig. Je bezeert jezelf minder vaak. Er zijn alleen twee problemen. De splinter blijft zitten. En je hele leven staat in het teken van het vermijden van pijn.
Waarom deze metafoor?
Omdat trigger warnings de deurposten van onze cultuur zijn geworden.
Bij de Omdenken Podcast krijgen we na bijna elke aflevering over een onderwerp als overgewicht, pesten of suïcide dezelfde reactie: “Hadden jullie hier niet een trigger warning voor moeten geven?” Die zorg snap ik. Een trigger warning lijkt heel braaf, keurig en ogenschijnlijk verstandig. En is vooral ook heel goed bedoeld.
Maar de belangrijkste vraag is natuurlijk: helpt het ook?
Het antwoord is ‘nee’.
Sterker nog, het antwoord is dat trigger warnings soms zelfs averechts werken.
Voor de duidelijkheid: niet alle waarschuwingen zijn zinloos. Bij direct lichamelijk gevaar zijn ze zeker nuttig; denk aan een stroboscoopwaarschuwing voor mensen met epilepsie, ‘bevat noten’ op een reep voor wie daar allergisch voor is, het decibelniveau op het scherm bij een popconcert, de G-krachten-waarschuwing bij de achtbaan voor wie zwanger is, de bijsluiter die zegt dat je dit medicijn niet moet combineren met een glas grapefruitsap. Stuk voor stuk gevallen waarin niet een vervelende herinnering wordt getriggerd, maar waarin er direct neurologisch of fysiek gevaar dreigt.
Dus bij direct lichamelijk gevaar is een waarschuwing zeker op z’n plaats.
Maar bij psychologisch ‘gevaar’ ligt het fundamenteel anders.
Klinisch psychologen Bridgland, Jones en Bellet [i] brachten in 2023 alle experimentele studies naar de effecten van trigger warnings samen in een meta-analyse. Uitkomst: waarschuwingen hadden geen aantoonbaar effect op hoe mensen zich voelden na het zien van het materiaal en ook niet op hoe goed ze de stof onthielden.
Wat wél steeg: de onrust vóórdat mensen het materiaal te zien kregen. De waarschuwing veroorzaakte dus alvast een deel van de angst die hij had moeten voorkomen. Ook vonden de onderzoekers een omgekeerd effect op vermijdingsgedrag: mensen gingen gewaarschuwd materiaal soms juist vaker opzoeken.
En hoe zit het dan bij kwetsbare mensen; mensen die bijvoorbeeld kampen met posttraumatische stress? Onderzoekers Jones, Bellet en McNally [ii] onderzochten in 2020 specifiek de groep waar het eigenlijk om zou moeten gaan: 451 mensen met een ernstige traumageschiedenis, sommigen met een vastgestelde PTSS-diagnose. Ook bij hen bood de waarschuwing geen enkele bescherming. Wel vond men dat trigger warnings mensen erin bevestigen dat hun trauma een centraal onderdeel vormt van hun identiteit. Wie een trigger warning krijgt, blijkt zich achteraf sterker te identificeren met het eigen trauma dan wie er geen kreeg. In plaats van te bevrijden, lijken trigger warnings mensen dus eerder vast te zetten.
Een eerdere studie van hetzelfde team uit 2018 liet zelfs zien dat door de waarschuwingen mensen zichzelf en anderen als kwetsbaarder ervaarden. Het ligt dan ook voor de hand dat trigger warnings de veerkracht van mensen eerder ondermijnen dan versterken.
Conclusie. Beide onderzoeken bevestigen dat trigger warnings een klassiek geval van vastdenken zijn: een “oplossing” die het probleem vergroot.
Dat alles sluit aan bij wat in de klinische psychologie al decennia de gouden standaard is bij angst en trauma: blootstelling (exposure), niet vermijding. Niet omdat confrontatie leuk is, maar omdat angst pas kleiner wordt zodra je merkt dat je het aankunt. Dat leer je niet door de deurpost breder te maken, maar door de splinter te voelen.
Voor onze podcast is dat direct relevant. Zoals gezegd: de waarschuwingen die wél werken gaan over zintuiglijke prikkels: licht, stof, beweging, geluidsdruk. Maar een podcast is gesproken taal. Daar flikkert niets en beweegt niets. Wat onze afleveringen wél bevatten zijn thema’s als overgewicht, pesten, suïcide, verlies en ziekte. En precies daarvoor geldt: geen enkel onderzoek laat zien dat een waarschuwing vooraf helpt, ook niet bij mensen met PTSS. Zoals gezegd: soms werkt het zelfs averechts.
Daarom doen we niet langer braaf mee met wat bijna iedereen doet, voortdurend en uitentreuren trigger warnings plaatsen. Niet omdat we onnadenkend zijn, maar omdat we juist nadenkend willen zijn.
Pijn voelen is niet het probleem.
Het is het begin van de bevrijding.
Berthold Gunster
[i] Bridgland, V. M. E., Jones, P. J., & Bellet, B. W. (2023). A Meta-Analysis of the Efficacy of Trigger Warnings, Content Warnings, and Content Notes. Clinical Psychological Science, 12(4), 751–771. https://journals.sagepub.com/doi/10.1177/21677026231186625
[ii] Jones, P. J., Bellet, B. W., & McNally, R. J. (2020). Helping or Harming? The Effect of Trigger Warnings on Individuals With Trauma Histories. Clinical Psychological Science, 8(5), 905–917. https://journals.sagepub.com/doi/10.1177/2167702620921341
Heb je hier een vraag over?
Neem gerust contact met ons op!